Aan mijn andere proeflezer

En er is nog een proeflezer die ik graag wil bedanken. Met een totaal andere aanpak en met milde maar duidelijke feedback. Een tegenpool van die proeflezer met zijn dubbele bodem. Ze wonen in dezelfde wijk, maar zijn zich daar niet van bewust. Wel was het in het begin lastig zijn feedback te begrijpen. Ik weet niet of het aan zijn schrijfstijl lag of de verhalende lijn. Maar dat terzijde. Ik heb veel bewondering voor het feit dat hij ieder weekend een deel van zijn nachtrust opoffert om mijn manuscript te lezen en veel goede feedback te geven. Deze altijd goedgehumeurde, zachtaardige lieve man geeft mijn verhaal die meerwaarde die het nodig heeft. Hij heeft zelf jarenlang van de pen geleefd en is voor zijn studenten een bron van inspiratie.

Menig uitgever zal om hem vechten wanneer ze zijn reeks dagboeken lezen die langer is dan de rij encyclopedieën in het achteraf kamertje. Een hobby die hij tijdens recreatieloze wintermaanden uit verveling vast zal oppakken. Let op uitgever die dit stiekum meeleest!! Hij alleen is de nieuwe Tonke Dragt, de Thea Beckman! Nu dat kleine zetje nog.

Het is aan hem natuurlijk. In ieder geval ben ik hem nogmaals erg dankbaar. En ik gun hem zijn eigen hond. Een mopshond die van puntige takken houdt. Zodat ze samen kunnen smullen van kippenniertjes. Een kleine hond, een kleine vrouw.

Mijn proeflezers hebben met hun hand op hun hart moeten zweren niets naar buiten te brengen. Daarvoor mijn grote dank.

J.J. Hermans nogmaals je bent TOF en helaas nog niet ontdekt door lezend Nederland. Ik maak graag reclame voor je tegen die tijd, al is het maar voor het noordelijke paradijs waar jullie mooie jaren gaan beleven. En dan toch 1 minpuntje want daar heb ik de pest in. Wie moet mijn volgende delen dan lezen!

Aan mijn proeflezer

Aan mijn proeflezer,

Potverdrie die proeflezer van mij slaat de spijker denkbeeldig flink in mijn kop. Wat kan een tekst veranderen als je flink durft te schrappen. Wat kan je veel leren als je kritiek durft te aanvaarden.

Op een zware regenachtige dag belde ik aan. Hij had mij de week er voor uitgenodigd voor een kop koffie. Om 12 uur zou hij wel thuis zijn na een wild Viking weekend ergens in Zweden. Zijn grote vrouw doet open en lacht mij vriendelijk toe. Later blijkt dat van opluchting te zijn. De kamer oogt leeg. In de keuken liggen kledingstukken en hoge haklaarzen. Ik voel me wat ongemakkelijk. In de hoek hangt mijn afspraak onderuitgezakt in de bank. Hij kijkt me aan door een bodem van glas. Net als de glazen die hij dit weekend heeft leeggedronken. Kom ik wel gelegen? Dan veert hij op. Ik mag plaatsnemen aan de houten tafel. Zijn vrouw verteld dat de stoelen gereserveerd zijn. Alles in hun woning is gereserveerd behalve dat ene schilderij waar zijn vrouw hoofdpijn van krijgt. Deze wil je vast meenemen lacht mijn proeflezer. Ik krijg een heuse Hopper voor mijn neus. Ik tik op het karton en prevel dat je het via Marktplaats ook gratis kan laten ophalen.

Mijn proeflezer zet een lieve theepot op tafel en houdt ondertussen een vreemde conversatie met zijn vrouw over ras, ras, ras rijdt de koning door de plas. Over sinterklaas kapoentje. Ik doorbreek hun schijnbaar verlangen door een dik pak papier op de houten tafel te laten vallen. Digitaal daar doet mijn proeflezer niet aan hij wil het papier voelen en ruiken. Ondertussen klettert de regen tegen de ramen. Boven de tafel hangt een peertje. De lamp is al verkocht. De papierfetisj pakt zijn pen en met inktzwarte letters begint hij te schrijven op het maagdelijk witte papier. Over alles wat er in die periode waarin mijn verhaal zich afspeelt gebeurde. Hij lijkt er geen genoeg van te krijgen. Het wordt een soort overhoring. Gelukkig roept zijn grote vrouw hem tot de orde. Dan noemt hij de namen van schrijvers als Nabokov, Boelgakov, Marquez en
Alletrino met hun boektitels, om af te sluiten met Baantjer. Ik zucht die laatste komt me wel bekend voor. Wanneer de vijf honden van het gezin onrustig worden besluit ik op te stappen. De tante Betjes en de hoerenjongens donderen na in mijn hoofd.

Een week later wanneer mijn proeflezer weer enigszins opgeknapt is na zijn wilde mannen op leeftijd kamp, krijg ik mijn eerste feedback. Digitaal! Ik wordt gelukkig niet gespaard. Dingen als lof daar doet hij niet aan. Als ik er niet over begin dan vind ik het dus gewoon mooi. In de eerste twee hoofdstukken vind ik niets terug van wat hij mooi vond.

Omdat ik mijn proeflezers graag vertroetel ( sorry Miriam Heezen) zet ik met Sinterklaas wat bier met een hoog alcoholpercentage voor zijn deur. Die avond krijg ik mijn tweede feedback. Ik lees het woord positief gevolgd door:
Vooraanval
Aanval
Riposte
Remise d’attacque
Contra-attacque
Parade
Corps a Corps
Om af te sluiten met het woord hips.

Ik vreet mijn chocoladeletter in één keer op en met maagkramp ga ik mijn hoofdstukken te lijf. De volgende dag keer ik weer terug achter mijn scherm. En ik ben blij. Heel erg blij!

De man in kwestie -hij komt uit een intelligente familie, is vader van vier dochters, heeft een indrukwekkende CV, heeft alle SF boeken gelezen, wil een nieuwe carrière beginnen- ga ik niet bij naam noemen.
Hij leest mijn site gelukkig nooit want ik ben bang dat hij de rest van mijn manuscript aan zijn zesde – nieuwe – hond zal voeren! Ook zal hij dit stuk rijkelijk bekladden met zijn inktzwarte pen.

Groetjes van Tante Betje